maandag 1 juli 2013

Ding 23

Ding 23
Veel geleerd, maar óók weer veel vergeten. Dat bleek toen ik mijn posts zojuist herlas.
Dat een deel van het geleerde niet goed kon beklijven, heeft te maken met de snelle ‘roes’ waarin ik deze dingen doorliep. Dat is jammer, maar aan de andere kant is vluchtige kennis, weet ik nu, een 2.0.-kenmerk.
Beslist niet vergeten zijn o.a. Crowdfunding en Crowdsourcing. Geweldig dat er platforms zijn waar mensen elkaar weten te vinden om iets te bereiken. Kleine en grote projecten. En dat alles met elkaar, zonder inmenging van officiele organisaties. Zoveel mooie voorbeelden van gezien!
Content curation was nieuw voor mij en ook dat zal ik niet zomaar vergeten. Met dank aan de scoops van Jeroen van Beijnen over mediawijsheid.

De manier van leren, een 2.0.-medium als gezamenlijke leeromgeving, vond ik geslaagd.
Tijdens de cursus herkende ik ook steeds meer dingen in de actualiteit. Voorbeeld: ik had net de copyright-module afgesloten toen de weblog van Kluun uit de lucht moest. Een aantal fotografen was het zat dat hij hun werk kosteloos gebruikte en liet het er niet bij zitten.
Uit een recent Volkskrantartikel begrijp ik dat de discussie nog volop gaande is.

Zonder te willen orakelen, zie ik voor ontwikkelingen zoals de Layar-app en de SocialMedia Caster-zuil een grote toekomst. Het grenzeloos verbinden van kennis, van media. Ik word daar wel een beetje stil van . . . .

23 Dingen is goed geweest voor mijn zelfvertrouwen. Dat ik nu méér weet dan veel anderen, werd me in de loop van de cursus duidelijk. Van meet af aan ben ik allerlei mensen gaan polsen over hun ervaring met  dingen. Die bleek redelijk beperkt te zijn. Dat had ik zo helemaal niet ingeschat.







donderdag 27 juni 2013

Ding 22

Ding 22
Dat een 2.0. bibliotheek Facebook en Twitter inzet is wel het minste. Ik pleit ervoor (geïnspireerd door de Kopgroepbibliotheek) om dit planmatig te doen.
Beide media kunnen gebruikt worden voor bijvoorbeeld de omlijsting van activiteiten, en p.r.-campagnes. Naast het stimuleren van klantcontacten via sociale media zouden we  de tijd die we besteden aan bepaalde face-to-face klantcontacten kunnen beperken.
Ik denk dan aan bepaalde dienstverlening zoals reserveren, verlengen, betalen, deposito, catalogusgebruik, kaartverkoop (inclusief printen). Om gebruikers zelfstandiger te maken, zou je een aantal campagnes op Twitter en de website kunnen voeren. Ik zag voorbeelden van instructiefilmpjes bij de bibliotheken van Kortrijk en Schiedam. Ook een virtuele rondleiding met beeld en geluid lijkt me zinvol.
De makers en geldschieters van deze filmpjes kunnen via crowdsourcing en crowdfunding aangetrokken worden
Na deze campagnes (die uiteraard allemaal uitwisseling en commentaar van bezoekers  stimuleren) kunnen we de openstelling van de balie voor dit soort specifieke diensten langzaam afbouwen.
De vrijgekomen tijd kan worden gebruikt om frontofficemedewerkers samen met hun backofficecollega’s bij toerbeurt te laten participeren in het twitterteam, het facebookteam en het . . . .????team). Ik begreep van verschillende blogcollega’s dat zij (net als de Kopgroepers) vaste sociale mediateams willen instellen. Ik pleit met nadruk voor ‘2.0. participation for everybody’. Zoveel  mogelijk personeel op dit gebied betrokken en competent houden alsjeblieft!
Of de website voor iedereen toegankelijk en overzichtelijk genoeg is, weet ik niet. Deelnemers van het biebpaneI hebben er, meen ik, geen moeite mee. Digitwijfelaars daarentegen zien de link ‘mijn menu’ nogal eens over het hoofd zien. Is er nog meer dat we kunnen aanpassen, verbeteren?

Uit onderzoek weten we één van onze klantgroepen (50+ers) gevoelig is voor advisering en attendering. Dat wij iets met b.v. boekentips doen, ligt voor de hand. Onze presentatie op de website ziet er al goed uit, maar het vergoten van gebruikersdeelname (nog meer stimulans om te commentariëren, taggen, eigen content toevoegen) zou de 2.0.-waarde verhogen en juist door deze benadering ook andere klanten aanspreken. Facebook zou zich hiervoor lenen, naar mijn idee beter dan een blog, omdat het kleinschaliger kan gebeuren (en dus ook minder arbeidsintensief is)

Het Biebpanel spreekt me aan, maar bestaande en potentiele klanten kunnen op meer manieren benaderd worden.
Inspirerend vond ik de manier waarop  Museum Boerhaave in Leiden Twitter heeft ingezet om nieuwe leden te krijgen. Voor duidelijk afgebakende onderwerpen kan crowdsourcen een manier zijn.

Het lijkt me wenselijk om onze catalogus verder transformeren naar een sociale, open catalogus om gebruikers tegemoet te komen in hun behoefte aan ‘meedoen’.

Ons 7dingenaanbod vind ik eigentijds. De sociale media als leeromgeving! In één van 23dingen -artikelen las ik de vondst van een bibliotheek om 7dingen aan specifieke doelgroepen (ambtenaren ?) aan te bieden. Dit verdient navolging en (markt)onderzoek.






maandag 24 juni 2013

Ding 21

Goed om te zien dat er landelijk aandacht is voor bibliotheken en social media. Ik ben onder de indruk van de samenwerking en de collectieve diensten, zoals Bibliotheek.nl die laat zien.
Voor de bijdrage van Social Embassy over de sociale mediastrategie, moest ik wel 'even' gaan zitten, maar het maakte mij wel duidelijk hoe en met welke content je als bibliotheek gebruik kunt maken van de sociale media die je inzet.
Ook goed om nog eens kernachtig een aantal uitgangspunten op een rijtje te zien, zoals ‘Van zenden naar dialoog’, ‘Van redactie naar interactie’. Dit laatste (interactie, goed monitoren van deelnemers, zelf  interessante volgers actief volgen) doen onze collega’s van de Kopgroepbibliotheken verrassend doet. En wat een goed idee om voor de bieb interessante mensen te volgen via ‘Durf te vragen’!

Over het weblog als medium voor bibliotheken, heb ik mijn bedenkingen. Het lijkt geschikt om boeken onder de aandacht te brengen. Maar een blogger moet boeiend schrijven en uitnodigen tot reactie en dat zie ik lang niet overal gerealiseerd. Bibliotheek Kennemerwaard maakt veel werk van hun Blognoot, maar volgt de  Social Embassyl-regel ‘Van redactie naar interactie’ onvoldoende en dat maakt het statisch. Presentatie is ook belangrijk. Bibliotheek Vlissingen heeft dat goed begrepen.
En als we echt serieus met leestips aan de gang willen  gaan, kunnen we iets leren van de visueel-aantrekkelijke pagina van Theek5!

Twitter (Quest in Veenendaal!) en Facebook zie ik door de collega’s op verschillende manieren worden toegepast.

Apps zijn eenvanzelfsprekend 2.0-must. Petje af voor bibliotheek Amstelland met een app, aangepast aan hun gebied.

Socialmediacaster is nieuw voor mij. Het doet me een beetje aan de Layarapp denken . Je scant een boek en wordt naar gerelateerde info en sociale media doorgesluist. Ik vind dit vergaand, maar het zou mij niet verbazen als dit de toekomst is.

Ding 20

Uit de artikelen, die ik heb gelezen (Wikipedia, Orient express, Bibliotheek Vlissingen) wordt nogmaals duidelijk dat bibliotheken al een aantal jaren met 2.0. bezig zijn en er mee worstelen.
En dat de verandering van statische bibliotheek naar de dynamische 2.0.- informatiewerkplaats een ingrijpend proces is, waarbij met name snelheid essentieel is. Onze dienstverlening dient voortdurend geupdate te worden en dat vraagt nogal wat van ons. 
Een  2.0.bibliotheek benadert de gebruikers interactief en sluit aan bij de tools die ze al kennen. Gesteund door de opvatting van Michael Stephens (de bibliothecaris moet de veranderingen volgen in hoe de gebruiker informatie tot zich neemt, verwerkt en produceert, en in dat proces een rol blijven spelen), denk ik dat we aardig op weg zijn (o.a.Digi-café, website, facebook), maar wel nog meer aandacht moeten geven aan het gebruik en de technologie van onze systemen.
Voorbeeld: ik merk dat veel gebruikers, die op onderwerp zoeken in onze catalogus en de online databanken dat op ‘hun’ Googlemanier doen (met woorden of zinnen, zoals ze op een internetpagina voorkomen) en niet ‘onze’ manier (op onderwerpsterm). 
In ding 19 heb ik gezien hoe sociale catalogi de klant al iets tegemoet komen. Wise biedt dat, naar mijn idee, nog niet genoeg.

Bij de bibliotheek Vlissingen lees ik vooral de wens om mensen te helpen in de omgang met informatie en media. Dat zij verschillende ‘dingen’ aan diverse doelgroepen aanbieden vind ik een goede gebruikersgerichte 2.0.dienst. Verdient navolging!

Wat het netwerk 2.0. betreft: tja. . . .wat gebeurt daar en nodigt dit me uit om me aan te sluiten. . . De groepen hebben wel leden, maar de datum van inbreng kan varieren tussen de 10 dagen en de tien maanden. Geen bruisend gebeuren.
Een bijdrage aldaar, die best 2.0. genoemd mag worden, omdat het aansluit bij de gebruikers, betreft Gouda.
De bibliotheek, het archief en het museum bedachten een manier om de werking en het belang van bibliotheek en archief aan brugklassers in het Voortgezet Onderwijs uit te leggen. Aan de hand van een echt gebeurde zware misdaad - een moord bijvoorbeeld - die honderden jaren geleden in de omgeving van de huidige school was gepleegd, kregen brugklassers de opdracht om een reconstructie te doen. Wat gebeurde er precies en waar? Wie was de dader en tot welke straf werd hij of zij veroordeeld? Het viel me op dat ook over de technologie (een app!)  goed was nagedacht.




donderdag 30 mei 2013

Ding 19

Sociale bibliotheekcatalogi
Dat zijn leuke dingen voor de mensen!
Met plezier heb ik de bijdragen van Jan Klerk en Edwin Mijnsbergen gelezen en de essentie ervan sprak mij aan.
De Aquabrowser kende ik natuurlijk al en hoewel het niet mijn favoriet is (vanwege de raadselachtige en drukke woordspinnen), zie ik ook de voordelen. Bibliotheken moeten aansluiten bij de zoekmanieren van hun klanten en die zijn: sociaal, interactief, persoonlijk.
Sociale bibliotheekcatalogi komen tegemoet aan die wensen.
 
Dat er soms minimale feedback gegeven
wordt: ‘Dit is een geweldig goed boek!!
is niet van belang.
Men voelt zich betrokken en daar gaat het kennelijk om.
                                                                                                                       bron:www.modemaken.nl
Leuk om eens te kijken wat de Darien library en de Ann Arbor bibliotheek hun klanten op dit gebied bieden.
Het werken met Worldcat gaat me wat makkelijker af dan met Hollandnet. Al doende begon ik die wens van gebruikers om een betrokken klant te zijn, wel te begrijpen. Titels,  tags scores toevoegen gaat allemaal makkelijk en lekker snel.
Onze Wisegebruikers kunnen natuurlijk al bijdragen leveren, o.a. titels waarderen. Eerlijkgezegd weet ik niet of hier voldoende gebruik van wordt gemaakt.
Al met al ben ik erg benieuwd hoe deze ontwikkeling van een gesloten bibliotheeksysteem naar open (web) systeem verder gaat.

Ding 18

Librarything
Ik heb me verdiept in LibraryThing en Dizzie: de startpagina’s bekeken en wat uitgeprobeerd. Onze cursusaccount gebruikt. Titels opgezicht, recensies gelezen. Discussie gevolgd. Ik geloof dat ik wel een goed beeld heb gekregen van deze ontmoetingsplekken.
Een levendige wereld! En ja; ik kan me wel voorstellen dat velen hier heel enthousiast van worden. Voral vanwege het sociale aspect.  Zelf heb ik hier niet zoveel mee, behalve dan dat het knutselen me wel grapppig lijkt. Verder is dit, zeg maar, niet mijn ding. . .
Op onze website vind ik de titels er eerlijkgezegd al mooi uitzien. Wel is er bij klanten behoefte aan advisering, commentaar, maar ik betwijfel of we dat in deze Librarything-vorm moeten doen.

zondag 26 mei 2013

Ding 17

Crowdsourcing
Ik was onder de indruk van dit ding! En ook verbaasd.
‘Durf te vragen’ vind ik een sympathieke en effectieve manier om elkaar te helpen en/of geholpen te worden.
Crowdsourcen kan goed werken. Dat bewijst ASN met de respons op hun vraag over mensenrechtenbeleid.
Dat onze Deense collega’s van de bibliotheek Arhus dit ook weten en benutten verbaast mij niet. Ze zijn koplopers op allerlei terreinen. Verhelderend hoe zij hun publiek benaderen. Wel jammer dat de resultaten nog niet duidelijk zijn. Wat wij in ieder geval van hun kunnen leren is om niet alleen bestaande klanten te benaderen, maar om vooral ook de non-users, de potentiele klanten. Welke mensen zijn géén lid,  wat kunnen ze ons daarover vertellen en wat kunnen we vervolgens doen om de bibliotheek voor hen aantrekkelijk te maken? Dit kwam even aan de orde tijdens onze verkooptraining. Hier ligt een gebied, waar wij nog meer aandacht  aan kunnen geven.
En dan ‘Vele handen’ om archieven te indexeren. Misschien ga ik hier wel aan meewerken!

Crowdfunding
Dit was een heel nieuw terrein voor mij. Wat dit goed laat zien is dat mensen de geijkte en officiële paden om iets te bereiken (overheid, uitgeverijen fondsen etc) omzeilen en een weg vinden om iets waar te maken.
Sellaband gaf mij inzicht in een aantal projecten, waarvan sommige heel succesvol bleken te zijn. Soms vond ik het ook een raadsel dat iemand met 657 believers 50.000 euro bij elkaar kreeg, terwijl er nog geen ‘fundingplan’ was. . .
Bij ‘Ten Pages’ bepalen de aandeelhouders of een boek uitkomt. Suzanne Buis is hierin geslaagd. Of de op 14 mei geplaatste pagina’s van het prentenboek Willie de Uil ook gaan leiden tot een uitgave is spannend: nog geen aandeelhouders.
Goed om te merken bij de andere platforms dat er kennelijk voor elk wat wils is. Zowel kleine projecten (bijenpaleis in een park) als grote (kraan voor een ondernemer) blijken aandeelhouders bereid te zijn om te funden.
Voor de bibliotheek lijkt mij dat we voor overzichtelijke, kleine projecten crowdfunding zouden kunnen inzetten.